Wolf op Woensdag

gast

g

‘Ik kom een tijdje bij je wonen.’ De wolf krabt aan zijn neus.

‘Doe niet zo belachelijk. ‘ zeg ik, terwijl ik een handdoek over mijn haar haal. ‘Een wolf kan niet in een mensenhuis wonen.’

‘Ik zou niet weten waarom niet.’ De wolf kijkt me aan. ‘ Ik ga wel op het zolderkamertje.’

‘Dat is mijn werkkamer!’ protesteer ik. ‘Ik werk thuis, weet je wel, ik heb die kamer nodig.’

‘Onzin, corona is zowat voorbij. Jij kunt prima weer naar kantoor.’

‘Mooi niet. Die zolderkamer is van mij. Discussie gesloten. Ik ga even wandelen en als ik terugkom ben jij verdwenen’ roep ik.

De wolf komt me achterna. Met een sprong staat hij voor me in de deuropening. ‘Mijn moeder zei vroeger altijd dat ik niet met de deuren mocht slaan.’ zegt hij pesterig.

‘Mijn moeder niet.’  Ik sla de deur dicht.

Over de auteur

Jacqueline van den Bosch

Reageer

Wolf op Woensdag