Wolf op Woensdag

Moederdag

M

Ik ben al een tijdje wakker, maar ik mag niet uit bed. Ik moet blijven liggen. Dat is niet erg, mijn bed is warm en het vroege licht maakt de slaapkamer zacht. Beneden hoor ik geroezemoes. Onderdrukt gelach als bestek op de grond klettert. De kat mauwt hardop, hij vindt het maar raar dat ik ‘m geen eten geef. Hij komt de trap op en ik hoor ze fluisterend de kat de kamer weer in lokken.  

Het is moederdag. En dit, dit moment vind ik het fijnste. Er zijn daar mensen, die bij mij horen. Mensen, die vroeg zijn opgestaan, ondanks dat het gisteravond laat was. Straks zullen ze met een kop thee en een bordje met lekkers voor de deur staan. Een bos bloemen. Er zijn knutsels gemaakt en cadeautjes gekocht. Geweldig. Maar het mooiste vind ik dit. Het besef dat ze er zijn. Dat we samen zijn. Dat ze bij mij horen.

Ja, natuurlijk denk ik ook aan mijn oudste. Hoe ze met trillende handen van opwinding naast mijn bed stond, een grote lach op haar gezicht. Haar cadeautje liet ze bijna vallen. Ook toen waren er tekeningen en knutsels. Ik heb ze allemaal bewaard. De theekopjes die ik kreeg op die laatste moederdag dat alles nog normaal was. Ze staan nu veilig en wel achter in de kast omdat ik bang ben dat ze breken. Nu is er een nieuw normaal. Straks drink ik thee uit een andere beker. Pak ik andere cadeautjes uit, van mijn andere mensen.

Gestommel op de trap. Zacht zingend komen ze de slaapkamer binnen. Cadeautjes worden op bed gelegd, bloemen in mijn armen gedrukt. Een beker thee. Op de kaarten die ik krijg staat ook haar naam. Ik kijk naar die lieve, lachende gezichten om me heen en ben dankbaar. Dit is moederdag. Ze zijn er allemaal. We wonen in verschillende werelden, maar we zijn samen. We horen bij elkaar.

Over de auteur

Jacqueline van den Bosch

Reageer

Wolf op Woensdag